Het boek is gebaseerd op de ervaringen van honderden mensen, zoals cliënten, bewoners, sociaal werkers en beleidsadviseurs. Het is ook gebaseerd op mijn eigen ervaringen: waar vind ik het fijn om te zijn? Zelf ben ik bijvoorbeeld een echt buitenmens. Neurologisch onderzoek laat zien dat het ook echt nodig is. Net als dat je voldoende moet slapen, moet je ook elke dag minimaal 20 minuten in de natuur door te brengen, in een bos of een park, voor je mentale en fysieke gezondheid. In de natuur zijn bevordert beweging, versterkt je aandacht en verlaagt je stress.
Sommige mensen zijn gevoeliger voor hun omgeving, door aanleg, traumatische ervaringen of hun maatschappelijke positie. Als je je kan terugtrekken in je eigen huis, waar alles naar eigen wens is ingericht, is de invloed van je omgeving anders, dan als je in de maatschappelijke opvang verblijft, waar je een tijdelijke slaapkamer deelt met drie anderen.
‘Juist die plekken waar mensen verblijven met wie het niet goed gaat, zijn vaak het minst fijn.’
In het boek bespreek ik allerlei soorten plekken, van werkplaats tot zorgboerderij. Op al die plekken is het goed om aandacht te hebben voor de omgeving. Maar één van de redenen waarom ik dit boek heb geschreven, is mijn verbazing en frustratie dat juist die plekken waar mensen verblijven met wie het niet goed gaat, vaak het minst fijn zijn.
Om te begrijpen hoe een omgeving bij kan dragen, gebruik ik het idee van de ‘helende omgeving’, gericht op het versterken van prettige prikkels en het verminderen van negatieve prikkels. De invloed van een helende omgeving is zo sterk, dat mensen er sneller genezen na een medische ingreep, minder depressief zijn, minder agressief. En omgekeerd, als de omgeving stress geeft, herstellen mensen slechter, zijn ze depressiever, sneller geïrriteerd.
Dat klinkt misschien abstract, maar het gaat om hele concrete dingen als: Hoe richten we een plek in? Welke privéruimte krijgen deelnemers? Hoe nemen we hier besluiten? Elk hoofdstuk eindigt met praktische tips om mee aan de slag te gaan. Uiteraard verschilt het van plek tot plek, waar je de nadruk op legt, hoewel ik jullie ook wil uitdagen om niet te snel te denken: in onze gemeenschapstuin zijn geen negatieve prikkels, of in beveiligd wonen is geen ruimte voor autonomie.
Graag hoor ik jullie ervaringen, vragen of ideeën. Want alleen door samen te werken, kan je een plek maken om te groeien.
Over de auteur: Max Huber is senior onderzoeker bij HVO-Querido en de Hogeschool Utrecht. Hij doet onderzoek naar de kwaliteit van beschermde woonvormen in de geestelijke gezondheidszorg en maatschappelijke opvang. E-mail: max.huber@hvoquerido.nl
Wilt u het boek ‘Plekken om te groeien’ in papieren vorm ontvangen?
Stuur dan s.v.p. een mailtje naar Max Huber.